9.7/10

Uit 700+ ervaringen

P-chart uitleg

p-chart

Een P-chart is een regelkaart waarmee je volgt welk deel van de onderzochte eenheden niet voldoet. Iedere eenheid valt in één van twee categorieën, bijvoorbeeld goed of afgekeurd, op tijd of te laat, beantwoord of gemist. De P staat voor proportion: het aandeel afkeur binnen iedere onderzochte groep.

Gebruik een P-chart wanneer je dit aandeel in de tijd wilt volgen. Noteer per periode of steekproef het totale aantal onderzochte eenheden en het aantal afgekeurde eenheden. De groepsgrootte mag per periode verschillen. Denk bijvoorbeeld aan het aantal gemiste telefoongesprekken gedeeld door het totale aantal gesprekken per dag.

Een P-chart maakt zichtbaar of de variatie waarschijnlijk bij het normale proces hoort of dat er aanwijzingen zijn voor een bijzondere oorzaak. De regelgrenzen zijn daarbij niet hetzelfde als klanteisen of specificatiegrenzen. Kun je meerdere fouten per eenheid tellen, dan past een C-chart of U-chart beter.

Zelf een P-chart opzetten?

Voor iedere meetperiode heb je vier kolommen nodig:

  • Periode: het meetmoment of volgnummer.
  • Totaal gecontroleerd (n): het aantal beoordeelde eenheden.
  • Aantal afgekeurd (d): het aantal eenheden dat niet voldoet.
  • Aandeel afgekeurd (p): bereken dit met p = d / n.

Gebruik tijdens alle metingen dezelfde definitie van afkeur. De steekproefgrootte mag per periode verschillen; bereken daarom het aandeel afkeur voor iedere periode afzonderlijk.

  • Bereken het aandeel afkeur per periode: p = d / n.
  • Bereken het gemiddelde aandeel afkeur: tel alle afgekeurde eenheden op en deel dit door het totale aantal gecontroleerde eenheden.
  • Bereken de regelgrenzen: Bereken voor iedere periode de regelgrenzen met de bijbehorende steekproefgrootte:

    Bovengrens: p̄ + 3 × √(p̄ × (1 − p̄) / n)

    Ondergrens: p̄ − 3 × √(p̄ × (1 − p̄) / n)

    Hierbij is het gemiddelde aandeel afkeur en n de steekproefgrootte van die periode. Komt de ondergrens onder 0, gebruik dan 0. Komt de bovengrens boven 1, gebruik dan 1. Bij wisselende steekproefgroottes veranderen de regelgrenzen per periode.

  • Maak de grafiek: zet de perioden op de horizontale as en het aandeel afkeur op de verticale as. Voeg het gemiddelde en de bovenste en onderste regelgrens toe.
  • Controleer het patroon: onderzoek punten buiten de regelgrenzen en opvallende reeksen of verschuivingen.

Voorbeeld: Een callcenter controleert vier weken lang telkens 100 telefoontjes. Het aantal gemiste telefoontjes is achtereenvolgens 4, 7, 5 en 20. De aandelen afkeur zijn dus 4%, 7%, 5% en 20%. Het gemiddelde aandeel afkeur is 36 / 400 = 9%. Bij deze gelijke steekproefgrootte liggen de regelgrenzen op ongeveer 0,4% en 17,6%.

In dit voorbeeld ligt de vierde week met 20% afkeur boven de bovengrens van circa 17,6%. Dat wijst op een bijzondere oorzaak: onderzoek wat er die week anders was. De andere punten liggen binnen de regelgrenzen. Dat betekent niet automatisch dat het proces goed presteert, maar dat daar geen bijzonder signaal zichtbaar is. Regelgrenzen beschrijven het procesgedrag; het zijn geen klanteisen of specificatiegrenzen.

Wil je leren hoe je P-charts en andere statistische hulpmiddelen zorgvuldig toepast? Bekijk dan de Lean Six Sigma Green Belt en Lean Six Sigma Black Belt van 5ST3PS.

 

Latest Post

At 5ST3PS we have one foot in science and one foot in practice. This enables us to combine the knowledge of both worlds and use it in our courses. On this page we share some papers to share our scientific knowledge.

improve fase dmaic

Improve fase DMAIC

In de Improve-fase van DMAIC ontwikkel je oplossingen voor aangetoonde grondoorzaken, vergelijk je alternatieven, beoordeel je risico’s en test je

Read More »

Voor meer informatie lees meer in onze kennisbank

Brochure downloaden

A ACTIEF - Brochure downloaden